|
|
STRUCTUREEL OVERLEG WETHOUDER (gehandicaptenbeleid)
Het integraal gemeentelijk
gehandicaptenbeleid heeft betrekking op diverse
beleidsterreinen. Er vindt dan ook structureel overleg plaats
tussen het V.O.R. – SOB en wethouder over het gehandicapten en
ouderenbeleid.
In dit geval zijn er op deelgebieden van het beleid grote
raakvlakken tussen de belangen van de verschillende organisaties
waarop gezamenlijke inhoudelijke doelen worden geformuleerd. Dit
betreft vaak onderwerpen die een permanente karakter hebben,
bijvoorbeeld toegankelijkheid of de uitvoering van de W.M.O. in
de gemeente.
Wij hechten wederzijds grote waarde aan dit overleg. Het is
belangrijk wanneer we worden gezien als een serieuze
gesprekspartner. De rol van de wethouder is van groot belang in
ons overleg voor een goede samenleving. Immers de gemeente wordt
aangewezen als de natuurlijke regisseur voor de burger. In ons
overleg wordt er gesproken over de W.M.O. Deze wet moet er voor
zorgen dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven
wonen en mee kunnen doen in de samenleving.
De gemeente is het loket waar alle mensen terecht kunnen voor
advies, hulp en ondersteuning. In ons overleg worden we steeds
op de hoogte gehouden over de ontwikkelingen van de W.M.O. door
een ambtenaar van de gemeente die daarvoor is aangesteld. Vele
andere onderwerpen zijn ter sprake geweest die door het V.O.R.
en S.O.B. behartigd worden. Een aantal terugkerende
resultaatgebieden waarover we gesproken hebben zijn :
Beeldvorming – Zorg – Welzijn – Verkeer – Vervoer –
Toegankelijkheid – Wet en regelgeving etc. Er is overeenstemming
dat onze standpunten meer waarde krijgen, wanneer we gezamenlijk
daadwerkelijk ons inzetten om voor de kwetsbare doelgroep een
goed voorzieningenniveau weten te realiseren.
CLIENTENPARTICIPATIE
Cliëntenparticipatie is niet
anders dan dat cliënten zelf of direct hun inbreng hebben bij
het maken van beleid en besluitvorming hierover. Zeker in het
kader van cliëntenorganisatie om invloed uit te oefenen op de
vormgeving van de W.M.O. in de gemeenten.
In het wetsvoorstel W.M.O. staat dat de gemeente burgers moet
betrekken bij de voorbereiding van het beleid over
maatschappelijke ondersteuning. Specifiek wordt alleen genoemd
dat de gemeente advies moet vragen aan cliënten over het
ontwerpplan dat de gemeente elke vier jaar van de W.M.O.
opstelt. De gemeente moet dit ontwerpplan voorleggen aan de
gezamenlijke vertegenwoordigers van organisaties van cliënten.
Elke vier jaar zal er een evaluatie plaatsvinden.
Om de gemeentelijke verordening Cliëntenparticipatie integraal
gemeentelijk gehandicaptenbeleid op een goede wijze te kunnen
uitvoeren, is de gemeente 4 maart 2004 een overleg convenant
aangegaan met de Stichting V.O.R. Hierin zijn werkafspraken
neergelegd omtrent de uitvoering van de Cliëntenparticipatie
integraal gehandicaptenbeleid. Ondermeer is hierin opgenomen het
aantal malen per jaar dat er bestuurlijk overleg plaatsvindt en
hoe ambtenaren in de gemeente dienen om te gaan met beleid voor
gehandicapten in Vlaardingen. Het
convenant dat is afgesloten, is bedoeld om de relatie die de
gemeente heeft met het V.O.R. nader te formaliseren en tevens
hierin nog meer duidelijkheid en helderheid naar elkaar toe te
scheppen in het verder uitwerken van de Cliëntenparticipatie.
Belangrijke factor is dat in het kader van de in april 2005
gesloten intentieovereenkomst met Woningcorporaties, Zorg en
Welzijnsaanbieders, Cliëntenorganisaties en de Regionale
Commissie Gezondheidszorg we samen gaan werken aan de realisatie
van levensloopbestendig Vlaardingen. Wij zullen dan ook onze
inbreng t.a.v. verbeterde toegankelijkheid stimuleren voor
accommodaties en ruimtelijke ordening in levensloop vriendelijke
buurten.
BELEIDSNOTA GEHANDICAPTEN EN CHRONISCHE ZIEKEN
We zien reikhalzend uit naar de
beleidsnota gehandicapten en chronische zieken. Er zijn in de
afgelopen jaren veel voorbereidingen geweest. Helaas is het er
nooit van gekomen door voortdurend uitstel van de betreffende
wethouders die hun beloften niet zijn nagekomen. Opnieuw hebben
wij de wethouder geadviseerd te komen tot een gezamenlijke
beleidsnota van ouderen en gehandicapten en chronische zieken.
De komst van zo’n nota zou een stap in de goede richting zijn,
om ambtenaren en politiek er toe te verdiepen in de situatie van
de gehandicapten.
Door middel van de beleidsvoornemens beoogt de gemeente
gehandicapten en chronische zieken gelijke kansen en
mogelijkheden te bieden en zo de beperkingen die zij in hun
bestaan ondervinden op te heffen of te verminderen, opdat
volwaardig burgerschap gerealiseerd kan worden.
De inventarisatie moet tot stand komen uit de kennis van mensen
met een functiebeperking om ons in staat te stellen, zowel
mogelijkheden als tekortkomingen te signaleren die anderen niet
zien. Tevens is het aan te bevelen om de beleidsnota te
evalueren en na te gaan of het beleid inderdaad de gewenste
resultaten opgeleverd heeft.
 |
|